Sport en LO in het KA Diest

sport

Nieuw in 2009 - 2010: sportdriedaagse in de Ardennen

Een leerling kan, afhankelijk van zijn/haar studiekeuze, zowel in de 2e als de 3e graad tot 5 uur per week LO en Sport volgen!

Lessentabellen Lichamelijke Opvoeding en Sport


2e GRAAD

3e GRAAD


LAT.

WET.

ECO.

HUM. WET.

ECMTHUM. WET. LAMT - WEWI

ECWE - LAWE - MTWE

Lichamelijke Opvoeding

2

2

2

2

2

2

Keuzemogelijkheden (3u)

 

Vrije Ruimte Sport

2

2

2

2

2

2

Specifieke LO

1

1

1

1

1

/

TOTAAL

5

5

5

5

5

4

1. Visie

Voor de tweede en derde graad van het secundair onderwijs onderscheidt men in de studierichtingen naast de basisvorming en het specifiek gedeelte, het complementaire gedeelte. Voor de basisvorming Lichamelijke Opvoeding zijn er vakgebonden eindtermen geformuleerd, voor het specifiek gedeelte van een opleiding worden specifieke eindtermen ontwikkeld. Het complementair gedeelte in de lessentabellen van de tweede en de derde graad betekent echt "vrije ruimte" voor de school en kan met vakken, in dit geval de Pool Sport, worden ingevuld of onder de vorm van thematisch en projectmatig werken, begeleid zelfgestuurd leren, peer teaching...

dscf2951De Pool Sport realiseert de vormingsdoelen van het ASO. De pool sport richt zich in het bijzonder naar een harmonische persoonlijkheidsvorming waarbij de sportcomponent een extra vormingsmiddel is. Ze spreekt vooral jongeren aan die zowel studiegericht als sportminded zijn, waarbij een intense lichaamsbeleving een motivatie betekent voor hun studieloopbaan.

Enkele  KAD-sportfoto's: Start-to-run, Demerjogging, Sportdag, Dwars door Hasselt, Zaalvoetbal, Veldlopen, Middagsport hockey, Sportprikkels, lessen sport en LO

De Pool sport bouwt verder op de eindtermen lichamelijke opvoeding uit de basisvorming. De bewegingsgebieden van lichamelijke opvoeding worden enerzijds uitgebreid en anderzijds voor een beperkt aantal uitgediept. De verdieping richt zich op de verfijning van  bewegingsvaardigheden, op het inzichtelijk toepassen van strategieën en op het verbeteren van het individuele niveau. Ze slaat ook op achterliggende theoretische inzichten over bewegen, op meer systematische reflectie door analyse van bewegingsuitvoeringen, op sturingsmechanismen om bewegingsuitvoeringen te verbeteren en op theoretische aspecten van gezondheid en welzijn in relatie tot sportbeoefening.

De rol van het zelfconcept en het sociaal functioneren bij sportprestaties en sportbeleving, wordt uitgediept.

Naast verdieping is er ook verbreding van de activiteiten. Nieuwe bewegingsgebieden die niet in de basisvorming worden aangeboden, kunnen worden geëxploreerd.

De component ‘samenleving' is een bijkomende invalshoek van waaruit sport en beweging worden benaderd. In de component ‘samenleving' gaat het over de maatschappelijke betekenis van sport en bewegen, over maatschappelijke effecten van sport en over de manier waarop de bewegings- en sportcultuur zich manifesteert.

De pool sport moet de leerlingen toelaten zich voor te bereiden op een doorstroming naar Hoger Onderwijs (pedagogisch, sociaal, wetenschappelijk, medisch, paramedisch, economisch ...).

De kwaliteit van een opleiding met de Pool Sport berust op de volgende pijler:sportvub

Gemotiveerde leerlingen die weten waaraan ze beginnen en die bereid zijn inspanningen te leveren en door te zetten.

Vakgebonden en vakoverschrijdend overleg:

Bij de uitwerking van de jaarplannen zijn zowel verticale als horizontale samenhang belangrijk.

De verticale samenhang ligt in het verlengde van de leerplandoelstellingen van de eerste en de tweede graad.

De horizontale samenhang legt het verband met andere vakken (o.a.: chemie, biologie, fysica) en vakoverschrijdende gebieden zoals gezondheid, milieu, sociale vaardigheden, burgerzin, leren leren, muzisch-creatieve en technisch-technologische vorming.

2. Verklaring begrippen: Lichamelijke Opvoeding, vrije ruimte sport en specifieke LO

Het vak Lichamelijke opvoeding heeft als vak van de basisvorming tot doel een gezonde en veilige levensstijl, motorische competentie, een positief zelfbeeld en dscf2904sociale relaties te ontwikkelen via bewegingsactiviteiten ( DVO, Eindtermen ).

Het Gemeenschapsonderwijs wil via de vakken van de basisvorming een voldoende ruime en stevige basis leggen voor de individuele ontwikkeling van de leerling, zijn maatschappelijk functioneren en zijn verder leren. Een vak in de basisvorming is inhoudelijk dan ook niet louter kennisgericht maar ontwikkelt ook vaardigheden en attitudes bij de leerlingen. Het streeft een harmonische ontwikkeling van cognitieve, dynamisch-affectieve, sociale en motorische componenten van de persoonlijkheid na.

Het vak L.O. als basisvorming blijft in onze huidige maatschappij dan ook van wezenlijk belang.

De bewegingsactiviteiten die hiertoe dienen zijn:

  • Individuele bewegingsgebieden; conditie en atletiek, ritmische en dansante bewegingsvormen en gymnastiek.
  • Doel -en terugslagspelen; basketbal, handbal, voetbal, volleybal en badminton
  • Uitbreidingsuren; vrijetijdsrelevante sporten; zwemmen, verdedigingssporten, loop en slagspelen,...

Inleiding

→ De school krijgt vanuit een eigen onderwijskundig beleid en bij het profileren van de school een stuk autonomie. In het Koninklijk Atheneum van Diest wordt dit voorzien door in het invoegen van een aantal lestijden complementair gedeelte of vrije ruimte waarbinnen, wij als school, onze eigen accenten mogen leggen.

→ De leerkrachten en leerlingen mogen zelf deel uitmaken van de te kiezen lespakketten. Deze vorm van vrijheid en creativiteit tussen leerlingen, leerkrachten en de school zorgt voor een grotere betrokkenheid van elke partner.dscf2922

Visie

→ Met het aanbieden van sport in het complementair gedeelte geeft de school een duidelijke en positieve aanzet om beweging te integreren in de globale schoolcultuur.

→ Het complementair gedeelte sport zal de leerlingen in staat stellen hun studiepakket naar eigen interesse te vervolledigen. Het opent de weg naar activiteiten met een recreatief karakter en zogenoemde life time sporten en biedt een oplossing voor de bewegingsnood van vele sportieve leerlingen.

Daarbovenop worden expliciete ontwikkelingskansen geboden voor de persoonsgebonden doelen (ontwikkelen van sociale vaardigheden en positief zelfbeeld) en verhogen de kansen tot zelfwerkzaamheid bij de leerlingen op het vlak van inzichtelijk, zelfstandig en samenwerkend.

→ De bewegingsactiviteiten moeten inspelen op de interesse en de inspraak van de leerlingen en rekening houden met de kwalificatie van de leerkracht, de klimatologische fluctuaties, het voorhanden zijnde materieel en de accommodaties in en nabij de school.

→ Via de aangeboden bewegingsactiviteiten kunnen deze leerlingen hun motorische competenties en vaardigheden verder ontwikkelen en met meer zelfvertrouwen deelnemen aan het ruime aanbod van vrije tijdsrelevante sporten in onze huidige maatschappij.

De doelstellingen van de lichamelijke opvoeding uit de basisvorming blijven van kracht met de nadruk op voorbereiding van de vrije tijdsbesteding.

  • Het ontwikkelen van een gezonde, fitte levensstijl en een verantwoorde, gezonde ontspanning.
  • Het voorbereiden op een zinvolle sportieve invulling van de vrije tijd.
  • Het eigen maken van een positieve fitnessattitude.
  • Het creëren van een gezonde bewegingsnood (intrinsieke motivatie).

Keuze van de bewegingsactiviteiten

→ De bewegingsactiviteit moet inspelen op de interesse van de leerlingen. Zij hebben inspraak in het keuzeaanbod.

→ De betrokken leerkracht moet zelf voldoende basiskennis hebben om initiatie te kunnen geven in de gekozen sport. Eventueel kan de leerkracht beroep doen op externe lesgevers.

→ De sport moet geschikt zijn om op schoolniveau te initiëren. De inhoud van de gekozen bewegingsactiviteit moet voldoende worden uitgediept en aansluiten bij het vakconcept lichamelijke opvoeding.

→ Elke bewegingsactiviteit wordt aangeboden in een lespakket van minimaal 4 weken. Elke activiteit moet voldoende fysieke activiteit waarborgen. Er wordt rekening gehouden met een minimale effectieve lestijd 70 minuten (blokuur). Het gebruik van blokuren vegroot de Actieve Leertijd (ALT) alsook het spelplezier en het inlevingsvermogen van de leerlingen. Zo is er voldoende lesrendement rekening houdende met de effectieve lestijd.

→ De activiteit mag geen overdreven financiële belasting meebrengen voor de leerling. Een raming van mogelijke kosten wordt voor akkoord en bij aanvang van het schooljaar, voorgelegd aan de ouders of meerderjarige leerling. De nabijheid van de sporthal KTA1 alsook de goede samenwerking met het Sportcentrum Karteria zorgt voor een democratische mengelmoes van mogelijkheden. Een gezonde afwisseling tussen interne en externe (Karteria) lespakketten blijkt een goede oplossing.

→ De mogelijke leerinhouden:dscf3017

  • ZWEMMEN: zwemslagen, reddend zwemmen
  • Verdedigingsporten: judo, taebo, taekwondo, Ji -jitsu, Wuchu, Karate
  • Ultimate Frisbee
  • Ritmische- en dansante beweginsactiviteiten: dansexpressie, volksdans, swing, salsa, taebo, rope-skipping
  • Beach-volleybal
  • Soccerbal
  • Rugby
  • Fitness en toestelturnen
  • Racketsporten: tafeltennis, tennis, squash, badminton
  • Mountainbike (uitbreiding)
  • Balsporten: technische en tactische vaardigheden verbeteren
  • ...

In de  specifieke LO bouwen we verder op de eindtermen lichamelijke opvoeding uit de basisvorming. De bewegingsgebieden van lichamelijke opvoeding worden dscf3081enerzijds uitgebreid en anderzijds voor een beperkt aantal uitgediept. De verdieping richt zich op de verfijning van bewegingsvaardigheden, op het inzichtelijk toepassen van strategieën en op het verbeteren van het individuele niveau. Ze slaat ook op achterliggende theoretische inzichten over bewegen, op meer systematische reflectie door analyse van bewegingsuitvoeringen, op sturingsmechanismen om bewegingsuitvoeringen te verbeteren en op theoretische aspecten van gezondheid en welzijn in relatie tot sportbeoefening.

Dezelfde  bewegingsactiviteiten als bij de basisvorming LO komen hier aan bod, namelijk;

  • Individuele bewegingsgebieden; conditie en atletiek, ritmische en dansante bewegingsvormen en gymnastiek.
  • Doel- en terugslagspelen; basketbal, handbal, voetbal, volleybal en badminton
  • Uitbreidingsuren; vrijetijdsrelevante sporten; zwemmen, verdedigingssporten, loop en slagspelen,...

Naast verdieping is er ook verbreding van de activiteiten. Nieuwe bewegingsgebieden die niet in de basisvorming worden aangeboden, kunnen worden geëxploreerd.

 

 

Laatste aanpassing op vrijdag 26 maart 2010 22:03